Blijf op de hoogte van de belangrijkste insights uit de sector

Maak account

Wordt de Robinson lijst voor direct mail verplicht?

ListeRobinson.jpg

Indien een consument niet gebeld wil worden, dan kan hij zich registreren op de bel-me-niet-meer-lijst. Adverteerders en service providers zijn wettelijk verplicht deze lijst te raadplegen en zich hieraan te houden. Indien een consument geen direct mail wil ontvangen, dan kan hij zich inschrijven op de Robinson lijst. Deze lijst is een zelfregulerend initiatief van de sector, maar er is momenteel geen wettelijke verplichting om deze te gebruiken. Staatssecretaris voor Consumentenzaken Eva De Bleeker wil dit veranderen.

Net zoals nu reeds geldt voor de bel-me-niet-meer lijst (zie artikel 'Direct marketing per telefoon streng gereglementeerd'), wil de staatssecretaris de raadpleging en toepassing van de Robinson lijst wettelijk verplicht maken. Daartoe is een Koninklijk Besluit in de maak dat wellicht begin 2022 van kracht zal worden.

De Robinson lijst dateert van begin jaren '90 en is een vrijwillig initiatief van de sector. Hiermee kregen consumenten de mogelijkheid om aan te geven dat ze geen gepersonaliseerde reclame per post willen ontvangen. Maar aangezien deze lijst niet verplicht is leidde dit ook tot frustraties. Zowel voor de consument als voor de sector is het goed dat er een wettelijke basis wordt gecreëerd waardoor ook het gebruik van de Robinson lijst verplicht wordt. Op deze manier wordt direct marketing via telefoon en via post op een gelijke manier behandeld.

Om dit te verwezenlijken lagen er een aantal opties op tafel. Het was vooral de vraag of de overheid zelf de lijst zou gaan beheren of aan een private partner een opdracht van algemeen belang zou gegeven worden via een Koninklijk Besluit. In samenspraak met de sector en met o.a. UBA is besloten om voor de tweede optie te kiezen.

Een van de voor de hand liggende mogelijkheden is dat zowel de bel-me-niet-meer lijst als de vernieuwde Robinson-lijst overgedragen worden naar het Communicatie Centrum  (de voormalige Raad voor de Reclame, waar ook de JEP deel van uitmaakt). Op die manier worden beide initiatieven gecentraliseerd bij één instantie  en is er een aanspreekpunt voor de consument. Door de efficiëntiewinsten die hiermee gerealiseerd kunnen worden, kan de kostprijs voor bedrijven om beide lijsten te consulteren goedkoper worden. UBA is voorstander van deze oplossing en bepleit dit bij de verschillende betrokken partijen. Onze conceptnota hierover werd besproken met het kabinet De Bleeker.

UBA volgt dit dossier van nabij op. Zodra er meer duidelijkheid is over de gekozen oplossing en over het wetgevend kader zullen we onze leden hierover informeren.

News Public Affairs & Regulation