CIM ONE: beter meten in vijf stappen
Tegen 2026 zal het CIM evolueren van afzonderlijke mediastudies naar één centrale crossmedia-studie: CIM ONE. Het doel is om een holistisch en geïntegreerd begrip van mediaconsumptie te bieden. Het CIM volgt hiervoor de filosofie van het “Northstar”-project van de World Federation of Advertisers (WFA), waaraan het actief deelneemt via UBA.
Concreet zal CIM ONE zich ontplooien door vijf strategische stappen en vijf studiemodules:
1. Definitie van het universum: “Golden Standard”
De eerste stap is een nauwkeurige definitie van wat het CIM wil meten: het universum. De “Golden Standard” dient als basis voor deze aanpak, door duidelijke criteria vast te stellen om de bevolking te beschrijven en de verschillende kanalen en vormen van mediacontent te categoriseren. Deze solide basis zorgt ervoor dat alle verdere metingen consistent, vergelijkbaar en representatief zijn voor het gehele medialandschap en alle mensen die in België wonen.
2. “Single-source” meting: “One Panel”
Consumenten mengen steeds meer media en platformen. Om het crossmedia- en crossplatformgebruik correct te inventariseren, is het noodzakelijk om dit zoveel mogelijk met dezelfde mensen te meten. Dit maakt het mogelijk om te begrijpen hoe de verschillende kanalen en formats elkaar aanvullen of concurreren om de aandacht van het publiek. Deze zogenaamde “single-source” meting wordt uitgevoerd via het “One Panel”, dat het televisiepanel van het CIM en het crossmedia-panel XMM samenbrengt.
3. Gegevensintegratie: “Data Exchange”
Zelfs de meest complete panels kunnen niet alle details van mediaconsumptie vastleggen, vooral gezien de grote verscheidenheid aan gebruikte platformen. Gegevens die rechtstreeks afkomstig zijn van de apparaten die worden gebruikt om content en/of reclame te leveren en te consumeren, kunnen de panelgegevens aanvullen. De “Data Exchange” faciliteert de integratie van de panelgegevens met gegevens uit andere bronnen, zoals die van CIM-leden of telecomoperators.
4. Gegevensmodellering: “Personification Engine”
De module “Personification Engine” heeft tot doel om ruwe gegevens om te zetten in waardevolle informatie. Door de verzamelde gegevens te modelleren, maakt deze module het mogelijk om op individueel niveau informatie te verstrekken, met inachtneming van strikte normen op het gebied van privacybescherming.
5. Rapportage en Analyse: “Virtual Population”
Het hoogtepunt van CIM ONE zal de creatie van een virtuele populatie zijn. Deze weerspiegelt de bevolking door alle kenmerken met betrekking tot het sociodemografisch profiel, het mediagebruik en de productconsumptie in detail weer te geven. Deze stap garandeert dat de verkregen informatie niet alleen nauwkeurig is, maar ook relevant en bruikbaar voor de stakeholders. De virtuele populatie maakt een gedetailleerde analyse van het publiek, de frequentie en de duplicatie over de media mogelijk, en biedt een ongeëvenaard overzicht van de crossmedia-effecten van campagnes en content.
Door de traditionele mediastudies samen te voegen in één onderzoeksframework, biedt CIM ONE dus een oplossing om het complexe en verfijnde Belgische medialandschap te meten, met de ambitie om diepere inzichten en meer exploitatiemogelijkheden te bieden.